Rijp

Rijp op de baan. Wat een concept, ‘s morgens een graad of min een-twee, een open hemel die de koude doet uitdeinen en uit talloze monden witte wasem bloesemend. Begin maart en de winter behoudt haar koude grip op de bestrooide fietspaadjes, de vloekende ruitenkrabbers die dachten: “Ha, geen doek meer nodig!”, de rijpende knopjes aan dunne takken die dapper door piepten en nu koud schrompelen.  

Een slippende greep wel te verstaan, bij voorbaat al gewonnen door de lange trage toer van de wereldbol die die laatste vingers met een koevoet loswrikt, wak geweekt door de eerste echte terrassers aan het Sinksenplein en die eerste korte broek in de Albert Heijn. 

God. Wat een bestaan. 

Spartelend uit dat koude winterdipmeer kruipen en kijken naar dat priemende zonnetje, beseffen dat plannen toch gemaakt kunnen worden voor gedeelde moestuintjes, de T-shirt wandelingen en misschien toch de krokussen geloven die dit weken geleden voorspelden. 

Plaats een reactie